Een bril tegen duizeligheid? Nalatenschap aan NVVS maakt onderzoek mogelijk

Al meer dan zestig jaar worden in Nederland brillen voorgeschreven tegen duizeligheid. Maar de vergoeding voor deze zogenoemde prismabril, waar veel Ménière-patiënten zeggen baat bij te hebben, staat onder druk. Het is namelijk niet  wetenschappelijk bewezen dat zo’n bril echt werkt. Een nalatenschap aan de NVVS maakt nu een eerste onderzoek mogelijk. Dat moet leiden tot meer zekerheid over de effectiviteit.

Stichting Hoormij/NVVS ontving een paar maanden geleden een legaat van een overleden Ménière-patiënte. Zij wilde graag dat haar erfenis wordt gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek naar Ménière. Op advies van de Commissie Ménière wordt dit geld nu besteed aan literatuuronderzoek naar de Prismabril.

Big deal
Waarom is de prismabril een big deal? Ten eerste zijn er patiënten die aangeven dat ze er baat bij hebben. Voor een belangrijk deel zijn dit Ménière-patiënten. En daar zit dan ook meteen de tweede reden waarom dit een big deal is: hoe kan een bril nu helpen tegen een aandoening waarvan de oorzaak waarschijnlijk zit in ons evenwichtsorgaan in het binnenoor? De meeste patiënten, als ze al worden doorverwezen, komen bij een kno-arts terecht. En die is niet opgeleid om een bril voor te schrijven. Kno-artsen staan de laatste jaren wel steeds meer open voor de prismabril als oplossing voor mensen met vestibulaire stoornissen. Zij wachten echter vooral op wetenschappelijk bewijs dat de bril helpt. Een oogarts zou de bril kunnen voorschrijven, maar die ziet in het algemeen weer niet zoveel patiënten met een evenwichtsaandoening.  

Patstelling
Duidelijk is dat hier sprake is van een patstelling. Een patstelling die ook nog eens omgeven is met de (on)nodige scepsis. Het gevolg is een terughoudende opstelling bij artsen, verzekeraars en de overheid. Terwijl het de artsen zijn die in het algemeen deze Utermöhlen prismabril, zoals die ook wel wordt genoemd, (laten) voorschrijven. De verzekeraars moeten hem vergoeden. En het is de overheid die wetenschappelijk onderzoek naar de effectiviteit en werking van deze bril zou moeten financieren. Want zo’n onderzoek naar de effectiviteit met een zogeheten randomized clinical trial (RCT) is een dure aangelegenheid.

Literatuurstudie
Wat kan helpen om deze impasse te doorbreken, is wanneer het aannemelijk gemaakt kan worden dat deze bril helpt, op basis van wetenschappelijke argumenten uit de literatuur.  Voordeel van zo'n literatuurstudie is dat dit aanzienlijk goedkoper is dan zo'n RCT. Het onderzoek wordt geleid door professor Jelte Bos (TNO Human Factors en VU Amsterdam) en drs. Eric Vente - een van de twee artsen die in Nederland prismabrillen voorschrijven aan mensen met vestibulaire stoornissen. Ook zij hopen dat dit onderzoek – met dank aan het legaat - bijdraagt aan het bieden van een eenvoudig alternatief voor een klinische ingreep of (langdurig) medicijngebruik, ter verlichting van de klachten die voor veel Ménière-patiënten een big deal zijn!

De Utermöhlenprismabril
Utermöhlen was een Amsterdamse arts die zowel de oogheelkunde als de keel-, neus- en oorkunde beoefende. Zijn vrouw had de ziekte van Ménière. Hij ontdekte dat haar duizeligheid afnam als zij een bril droeg met asymmetrische, prismatische glazen. De prismabril ziet er uit als een normale bril, maar dan met bijna onzichtbare prisma’s in de glazen. Die helpen het oog te blijven staan zoals het evenwichtsorgaan dat wil.   


Lees hier meer over schenken of nalaten aan de NVVS.

Publicatiedatum: 18 juni 2015