Lawaai op de werkvloer: het wordt vanzelf stil…

Het wordt vanzelf stil! Zo luidde de enigszins cynische titel van het congres dat projectorganisatie 5xbeter onlangs organiseerde voor werkgevers en werknemers in de metaalverwerkende industrie. Het onderwerp: de risico’s van schadelijk geluid in hun sector. Naast de risico’s ging het ook om de vraag wanneer geluid als schadelijk moet worden beschouwd voor de gezondheid. En om welke maatregelen je kunt nemen om blootstelling aan schadelijk geluid zo veel mogelijk te beperken.

Als het congres iets duidelijk maakte, dan is het wel dat het probleem van geluidsbelasting in de metaalverwerkende industrie groot is. Maar ook dat er een groeiend besef is dat maatregelen geboden zijn. Dat geldt voor alle betrokken partijen, zowel voor werkgevers als voor werknemers en de organisaties die hen vertegenwoordigen. Gelukkig blijkt ook dat er laagdrempelige oplossingen zijn om de blijvende gevolgen van schadelijk geluid tegen te gaan. Er is een breed spectrum aan maatregelen mogelijk, van goedkoop tot ingrijpend.

Film
De maatregelen die werden gepresenteerd variëren van communicatie om bewustwording te vergroten tot organisatorische en technische ingrepen en ten slotte het inzetten van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals gehoorbescherming. Dit is ook de volgorde van toepasbaarheid: de beschermingsmiddelen moeten pas worden ingezet als met de overige maatregelen nog onvoldoende effect is bereikt, zo luidt het advies. Een goed startpunt voor de communicatie binnen een bedrijf is de vertoning van de film “Schadelijk geluid? Het wordt vanzelf stil!” die tijdens het congres in première ging.

Aanpak bij de bron
Het bestrijden van schadelijk geluid begint bij de bron. Bijvoorbeeld met het vervangen van luidruchtige machines door geluidsarme varianten of door het toepassen van stillere productiemethodes. Een volgende stap is het verminderen van de geluidsoverdracht, bijvoorbeeld door het omkasten van machines of het aanbrengen van absorptiematerialen. Een grotere afstand tot de bron en kortere blootstelling aan geluid bieden altijd soelaas. Dit kun je realiseren door werkplekken met veel geluid te scheiden van rustige werkplekken of door het rouleren van werknemers over de werkplekken. Pas als al deze maatregelen onvoldoende uitkomst bieden, komen persoonlijke beschermingsmiddelen aan de orde, in de vorm van oorpluggen, oordopjes, oorkappen of otoplastieken.

Wat kunnen werknemers zelf doen?
Veel van de aanbevelingen zijn gericht op de werkgever. Die is uiteraard verantwoordelijk voor de veiligheid en gezondheid van zijn werknemers. Maar tijdens het congres werd ook duidelijk gesteld dat medewerkers zelf eveneens hun verantwoordelijkheid hebben. Uiteraard moeten zij beschermingsmiddelen toepassen wanneer die geadviseerd worden of zelfs verplicht. Belangrijk is ook dat de cultuur in een bedrijf zo is, dat werknemers elkaar durven aanspreken op hun gedrag. Uit een stemming onder de deelnemers aan het congres bleek dat zo’n 60% dit altijd, vaak of soms doet. Werknemers kennen hun eigen werkplek als geen ander. Als zij mogelijkheden zien tot beperking van de hoeveelheid schadelijk geluid, dan is dat meer dan het vermelden waard. Ook het zachter zetten van een te hard afgestelde radio, zeker als die de toch al hoge geluidsniveaus op de werkplek overstijgt, mag je van werknemers zelf verwachten.

De systematiek van het starten met de aanpak bij de bron van het lawaai is universeel toepasbaar. En niet alleen in de werkomgeving, maar ook in privésituaties kunt u dankbaar gebruik maken van de adviezen. Meer informatie op www.5xbeter.nl.

Chris van den Dries, lid Commissie Tinnitus en Hyperacusis van Stichting Hoormij/NVVS was erbij en doet in het augustusnummer van HOREN verslag. Klik hier om dat te lezen (alleen voor leden).


Publicatiedatum: 19 augustus 2015