Gehoorschade ook al groot probleem bij basisscholieren

Ruim één derde van 9 tot 12-jarigen heeft soms een piep in het oor na het luisteren naar harde muziek en zelfs 3 procent heeft dat vaak of altijd. Dat blijkt uit een inventarisatie naar het luistergedrag van deze groep kinderen door de commissie PrevENT van de Nederlandse Vereniging voor Keel-Neus-Oorheelkunde en Heelkunde van het Hoofd-Halsgebied.

Op de Facebookpagina van PrevEnt worden de resultaten gemeld van de inventarisatie. In het afgelopen schooljaar 2013-2014 gaven kno-artsen en audiologen door het hele land voorlichting aan meer dan 2000 kinderen in groep 7 en 8 over de gevolgen van lawaai door harde muziek. Maar liefst 90 procent van de leerlingen is bereid oordoppen te dragen om gehoorbeschadiging te voorkomen. Maar dan moeten hun leeftijdgenootjes dat ook doen. Als hun omgeving namelijk de oordoppen links laat liggen, wil nog maar 55 procent deze bescherming dragen.

Daarnaast is gebleken dat circa 1 op de 3 leerlingen meer dan een uur per dag naar muziek luistert. De meeste leerlingen hebben een mp3-speler, soms al vóór hun 6e jaar. Ze luisteren met name naar muziek op hun eigen slaapkamer, tijdens het maken van hun huiswerk en op straat. Bovendien gaan basisscholieren al regelmatig naar feestjes met harde muziek (69%), die overigens met name thuis plaatsvinden (40%). Deze gegevens moedigen aan om voorlichting op basisscholen voort te zetten en dit onderwerp thuis bespreekbaar te maken.

Met dit onderzoek willen kno-artsen duidelijk maken dat voorlichting over harde muziek met daardoor mogelijk veroorzaakte gehoorschade noodzakelijk is, zodat preventie van gehoorschade net zo vanzelfsprekend zou moeten worden als tandenpoetsen nodig is voor het voorkomen van gaatjes.

Zie ook www.kno-prevent.nl.Publicatiedatum: 15 oktober 2014