Bijwerking beenverankerd hoortoestel onderzocht

Mensen met een verstandelijke beperking en kinderen hebben het meeste last van bijwerking van een beenverankerd hoortoestel, een hoortoestel dat met een schroef in de schedel wordt verankerd. Dit blijkt uit onderzoek van Jacolien Dun van het UMC St. Radboud in Nijmegen.

Een in de schedel verankerd hoortoestel (Bone Conduction Device) is de gouden standaard voor de hoorrevalidatie van patiënten met een geleidingsverlies aan beide oren. Het BCD-systeem bestaat uit een titaniumschroef in de schedel achter het oor; op deze schroef wordt een trillend hoortoestel geplaatst.

In het UMC St Radboud zijn tussen 1988 en 2007 1132 BCD-schroeven geplaatst. De meeste complicaties met de geïmplanteerde schroef traden op bij mensen met een verstandelijke beperking en kinderen, zo blijkt uit promotie-onderzoek van Jacolien Dun. Daarnaast toont haar onderzoek dat het verlengen van de schroef een oplossing kan zijn wanneer patiënten vaak met irritatie van de huid rondom de schroef te maken hebben. Ook beschrijft Dun hoe een nieuw type titaniumschroef meer stabiel lijkt te zijn dan de standaardschroef. Mogelijk vermindert hiermee het risico op uitval van de schroef. Tenslotte blijkt dat de hoormogelijkheden van jonge patiënten toenemen wanneer er twee BCD's in plaats van één BCD wordt geplaatst.

Publicatiedatum: 10 september 2012