Toekenningsprocedure CI

Wil je in Nederland in aanmerking komen voor een CI dan moet je een nauwkeurig omschreven procedure doorlopen. Na aanvraag beslist het CI-team of je voor een CI in aanmerking komt. Het CI-team bestaat onder andere uit kno-artsen, audiologen, logopedisten, maatschappelijk werkers en technici.

Heb ik recht op een CI?

Heb je een (zeer) ernstig gehoorverlies aan beide oren? En ligt de oorzaak daarvan in het slakkenhuis? Werkt je gehoorzenuw nog goed, maar heb je geen baat meer bij een “gewoon” hoortoestel? Dan kom je mogelijk in aanmerking voor een CI. Elke CI-team heeft een CI-brochure met alle informatie over CI en het CI-team. Je krijgt dit als “pre-CI kandidaat” mee wanneer de kno-arts denkt dat je mogelijk een geschikte CI- kandidaat bent.

Vereisten om in aanmerking te komen voor een CI:

  • Je gaat er met een CI op vooruit. Of dit zo is moet blijken uit de diverse medische en psychische onderzoeken die het CI-team bij je uitvoert.
  • Je bent emotioneel toe aan een CI en in staat om, samen met betrokkenen, een intensief CI-traject in te gaan.
  • Je hebt een gehoorverlies van minimaal 80 decibel op je slechtste oor
  • Je hebt een spraakverstaan score van 50% of minder. Internationaal worden de volgende ruime criteria gehanteerd: gehoor minder dan 90 dB en spraakverstaan minder dan 30 procent.
  • Je hebt een normale ontwikkeling van spraak en taal doorgemaakt, en daarna een ernstig gehoorverlies aan beide oren hebben ondergaan. Dit is het geval bij postlinguale doven en ernstig slechthorenden. Het is gebleken dat een CI bij oudere prelinguale dove kinderen en volwassenen lang niet altijd bijdraagt aan het kunnen verstaan van spraak. Immers: zij hebben nooit kunnen horen dus kennen spraak niet uit hun jonge jaren, juist als de (gesproken-)taalontwikkeling z’n cruciale ontwikkelfase doormaakt.
  • Je bent plots- of laatdoof. Dat wil zeggen: het gehoor gaat plotseling of in een gestaag tempo achteruit.

Bij het plaatsen van een CI worden, anders dan een conventioneel hoortoestel, de zintuigcellen in het binnenoor definitief uitgeschakeld. Door de implantatie gaat de functie van de nog werkende zintuigcellen dus verloren. Daarom wordt cochleaire implantatie pas overwogen als blijkt dat een kind of volwassene te weinig baat heeft bij het gebruik van conventionele hoortoestellen.

Second opinion

Er kunnen verschillend factoren zijn die een CI-team doen besluiten om geen CI-operatie bij je uit te voeren. Beslisfactoren om niet te opereren kunnen zijn:

  • Je hoort nog (te) goed
  • Je hebt mogelijk nog baat bij een zwaar hoortoestel
  • Je bent niet operabel, wellicht vanwege een medische reden
  • Je hebt geen of niet goed werkende gehoorzenuwen
  • Je hebt teveel verkalking in je oor door otosclerose. Hierdoor is het niet mogelijk een elektrodenbundel te plaatsen
  • De operatie wordt uitgesteld omdat je geestelijk of conditioneel niet in optimale staat bent

Niet eens met de beslissing

Ben je het niet eens met het besluit van een CI-team? Dan kan je in hoger beroep gaan. Dit gebeurt vooral in situaties waarbij er geen duidelijke verklaring is voor het besluit dat het CI-team heeft genomen. Je kan een second opinion aanvragen bij een ander CI-team in een ander ziekenhuis Houd hierbij wel rekening met de afstand, reistijd en het soort revalidatietraject (dit verschilt per CI-team). Let op: het nieuwe CI-team zal opnieuw alle onderzoeken gaan uitvoeren. Bovendien bestaat de kans dat je opnieuw wordt afgewezen voor een CI.

Opereren in het buitenland

Uitwijken naar het buitenland (België of Duitsland) is een mogelijkheid wanneer je ook bij het tweede CI-team wordt afgewezen voor een CI. Houd wel rekening met je verzekering: het kan zijn dat uw zorgverzekering de operatie in het buitenland niet vergoed. Veelal komen de kosten dan voor eigen rekening.

De FODOK licht je voor!

Een CI voor je kind